Vierde dag

woensdag 13 maart 2013 22:28 uur

Ik spreek niemand. De gesprekken die ik voer vinden plaats in mijn hoofd, al dan niet gevoed door tekstberichten van derden. Maar fysiek spreken, met audio, nee.

Alle resterende tijd die mijn hoofd nu tot zijn beschikking heeft wordt gevuld met de teksten die ik schrijf, de teksten die ik probeer te schrijven en de teksten die geschreven zijn voor Harvey Specter, Mike Ross en Louis Litt. Vooral die van Louis Litt.

Louis Litt: My spider parts are tingling.
Mike Ross: Please don’t ever say things like that.

Tijdens mijn wandelingen word ik continu vergezeld door een voice over, die ter plekke verhalen probeert te formuleren van alles wat ik zie en alles wat ik bedenk. Soms in de stem van Louis, die opeens Nederlands blijkt te kunnen spreken, soms in mijn eigen stem maar dan opeens in pleidooi-stijl. Ik hoor in mijn hoofd redenen geformuleerd worden waarom ik wel of niet het pad omhoog zou moeten nemen en of dat schaap nu wel of niet vrijwillig zijn wol zou moeten afstaan. Ook hoor ik dweperige teksten over hoe de stilte en isolatie me vullen met inspiratie. Teksten die ik nooit zou uittikken, nooit, behalve nu dan, ter illustratie. Zo zie je maar dat mijn principes minstens zo wankel zijn als die van Louis.

Na een tijdje flink doorstappen viel het me op dat ik geen enkele gewone gedachte meer had. Gedachtes niet in schrijftaal. Tegelijk wist ik ook niet meer zeker hoe gewone gedachtes klinken. Hoe hard ik er ook over nadenk (in keurige volzinnen), ik kom er niet meer achter hoe ik tot vorige week dacht. Dat komt natuurlijk omdat ik veel te busy, busy, busy ben met geld verdienen. Ik bedoel Suits kijken. Ik bedoel schrijven! SCHRIJVEN!

Gelukkig, toch nog een zin van slechts één woord.

Plaats reactie  

Derde dag

dinsdag 12 maart 2013 16:12 uur

Vandaag begon ik aan iets wat later nog het beste zou kunnen worden omschreven als een wandeling. Het eerste deel van de route was hetzelfde als alle eerdere dagen dat ik hier liep. Ik zag niemand. Het was mooi weer, er stond nauwelijks wind en toch zag ik niemand. Geen seniorenkoppels, geen fietsers, geen auto’s. Niets.

In het duin aangekomen sloeg ik af naar rechts, ik was in een goede bui. Het bord vertelde me dat ik vanaf dat punt een wandeling kon aanvangen die ook te doen was voor blinden, slechtzienden en mensen in een rolstoel. Ik vroeg me af of het nog wel een wandeling zou heten, in een rolstoel.

Nu ben ik niet blind of slechtziend, maar ik verdwaal snel, dus deze route leek me een buitenkansje. Hier zou de bewegwijzering absoluut duidelijk moeten zijn. Er waren een aantal aanknopingspunten: er stonden paaltjes met een rode bovenkant langs de route, alsmede bordjes met korte aanwijzingen, zowel in tekst als in braille.

Bij het eerste bordje aangekomen streek ik met mijn vingertoppen langs de braille. Het leek me onmogelijk om daar ooit iets van codering uit te kunnen destilleren. Ik sloot mijn ogen en probeerde de afzonderlijke setjes balletjes te voelen, zoals ze te zien waren. Het lukte niet. Ik nam me voor braille te gaan leren en stapte door.

Bij het tweede bordje ging het mis; het gedeelte waar de tekstaanwijzing opstond was eraf gesloopt, het braillegedeelte zat er nog wel. Ik had nog geen braille geleerd en ging op goed geluk verder. Ik passeerde een paaltje met een blauwe bovenkant, iets wat ik had kunnen zien aankomen, want het pad ging inmiddels steil omhoog. Arme rolstoelers, dacht ik nog.

Ik liep uiteindelijk een route die langer was dan beloofd, maar kijk eens wat ik allemaal tegenkwam!

1 reactie  

Midas liep de vierdaagse

donderdag 7 juni 2012 20:29 uur

Supertrots ben ik op Midas, die zonder al te veel morren de avondvierdaagse heeft uitgelopen, samen met Ruben. Ikzelf heb, ook zonder morren, elke avond samen met Alwine de eerste Harry Potterfilm gekeken. Lekker op de bank. Helaas kregen we daar geen medaille voor, en geen bloemen. Midas wel, drie bossen zelfs! Een van mij, een van Patty, Maud en Ties én een van school. Dat werd Midas bijna te veel, de hele weg naar huis verzekerde hij ons dat hij het toch zo leuk vond, die bloemen, dat was toch zo lief van ons, en van Ties, en hij was bijna helemaal verliefd op ons, van die bloemen, o mama, je bent toch zo’n lieve schatje. Gloep. Volgend jaar loop ik ook mee!

Plaats reactie