Arjen Lubach

» Deze recensie verscheen in de Volkskrant van zaterdag 29 december 2012.

woensdag 2 januari 2013 09:16 uur

Multitalent Arjen Lubach bedacht samen met Joost, RuSt, Gustav en 10e in 2010 de website en (later) Volkskrantrubriek Recensiekoning. Nu hij verkozen is tot hét tv-talent van 2013 vroegen wij 10e, alias Martine de Jong, al tien jaar bevriend met Lubach, Arjen te recenseren. Bij wijze van: Ik Had Het Altijd Al Gezien.

Een recensie schrijven over mijn beste vriend was iets wat ik van plan was te gaan doen op de dag voor zijn begrafenis. Met een fles rode wijn aan mijn mond en dikke tranen wenend zou ik mijn laptop openklappen (of liever nog een of ander geavanceerd apparaat uit de verre toekomst) en mijn vriendschap proberen te vatten in woorden, met om de zin een intelligente grap, want er moest wel gelachen worden natuurlijk.

Het was een warme dag in de zomer van 2003 toen Arjen Lubach mijn leven instormde. Hij had de hoogste grapdichtheid die ik tot dan toe had meegemaakt (dat zegt wellicht meer over de mensen met wie ik omging dan over hem) en hij gebruikte mijn voornaam nogal onverwacht in een zin (Misschien wil Martine wel mee op een dropping?). Ik besloot op dat moment dat we vrienden zouden zijn. Nog diezelfde avond bleek dat hij dat ook had besloten, want zijn berichtenstroom aan mij was begonnen.

We mailden en SMS’ten met een griezelige frequentie. Nu, bijna tien jaar later, is hierin niets veranderd, behalve dan dat het niet meer griezelig is. De enige dagen dat ik hem niet sprak de afgelopen tien jaar waren tijdens zijn deelname aan het programma Wie is de Mol? en een afschuwelijke week waarin hij zich vrijwillig zonder telefoon had laten opsluiten in een vastgevroren vakantiehuisje voor een experimenteel radioprogramma van de VPRO.

Enkele jaren voor die eerste ontmoeting maakte hij samen met Janine Abbring een parodie op Stan van Eminem met de titel Jelle. Voor deze nummertweehit bedacht hij ook zijn pseudoniem Slimme Schemer, een krakkemikkige vertaling van het pseudoniem van Eminem: Slim Shady. Dat hij vele jaren later de populaire quiz De Slimste Mens won en volstrekt willekeurig werd uitgeroepen tot De Slimste Mens had dus nauwelijks een verrassing hoeven zijn.

Ik wist het niet, van die parodie. Ik kende het liedje wel, maar ik wist het niet. De eerste keer dat hij bij mij thuis op de bank zat vroeg ik hem wat hij wilde drinken en waarom hij toch zo’n bekende kop had. Schoorvoetend bekende hij een top 40-artiest geweest te zijn. Wat ben je nog meer geweest? vroeg ik hem. De lijst was lang: havenmeester op Vlieland, taxichauffeur, telemarketeer, pizzakoerier en op dat moment was hij nog radioproducer bij een avondprogramma van Giel Beelen.

Als men Arjen in interviews vraagt te kiezen tussen al zijn werkzaamheden, kiest hij zonder uitzondering voor schrijven. (Wat mijns inziens een idiote vraag is, vraag liever eens aan mensen met maar één beroep waarom ze in vredesnaam maar één ding doen?) Dat deze keuze oprecht is merk je vooral wanneer je Arjen aan de telefoon hebt. Niet dat de kans groot is dat dat gebeurt; meestal krijg je zijn voicemail waarop hij heeft ingesproken dat je hem maar moet mailen en dat hij ook zeker niet van plan is zijn voicemailberichten af te luisteren. Hij sprak ooit de wens uit te kunnen bellen zoals je in tekst met elkaar communiceert. ‘Met Martine.’ ‘Wat doe je?’ ‘Ik ben een was aan het ophangen.’ ‘Oké.’ En dan ophangen zonder groeten. Een tijd lang heeft hij telefoongesprekken vervroegd beëindigd met een ‘Ik bel je zo terug’. Arjen belt nooit zo terug.

Arjen kiest voor schrijven dus, als hij echt zou moeten kiezen. Dat moet natuurlijk helemaal niet, maar hierdoor moet hij wel altijd hard werken. ‘Ik moet zoveel doen, even liggen,’ zegt hij dan, en probeert zijn eigen leven bij te houden met een middagslaapje.

In de tijd dat we elkaar leerden kennen was hij bezig met zijn eerste roman. ‘Ik schrijf een boek, maar je mag het niet lezen,’ verzekerde hij me op zijn rommelige zolderkamer in Hilversum. Een nogal grote uitspraak voor iemand van 23 – het ‘ik schrijf een boek’-gedeelte dan, maar hij bleek de waarheid te spreken.

In 2005 drukte hij me het manuscript in handen en las ik tóch zijn debuut Mensen die ik ken die mijn moeder hebben gekend. Arjen werd naast alles wat hij was, opeens ook schrijver, een echte. Hierna volgden de romans Bastaardsuiker en Magnus. Inmiddels is zijn vierde boek af – een thriller met de titel IV – en twijfelt niemand meer. Of toch? Hoeveel boeken moet je geschreven hebben voor men je schrijver noemt? Of je als schrijver beoordeelt? Hoe kan het nu dat hij opeens een lijst voor aanstormend televisietalent aanvoert?

Nadat we voor de eerste keer zijn cv hadden doorgenomen, heb ik hem nog in actie gezien als radio-dj, muzikant, cabaretier, danceproducer, tv-maker, schrijver, columnist, scenarist, ondernemer en een uitmuntend autobestuurder. Op al deze gebieden is hij nog steeds actief, vooral op het laatste.

In 2013 wordt hij dus een televisiepersoonlijkheid, als we deze krant mogen geloven tenminste. Welja, dat kan er ook nog wel bij. Dan volgt hier mijn prognose voor 2014 (internetmiljonair), 2015 (slager, van hem komt dat jaar ook de nog beroemd te worden uitspraak ‘Verkoop geen steak als de koe nog loeit’) en 2016 (profeet). Ook zal hij in 2032 tijdreiziger worden en zonder succes deze recensie proberen te voorkomen. Ik heb hem zojuist teruggestuurd naar de toekomst alwaar hij zegt te gaan werken aan een filmscenario voor een drieluik over tijdreizen met een hoofdpersoon genaamd ‘Marty’. Dat vind ik heel lief en attent van hem.

Overigens heeft de krant gelijk: op televisie is hij ook in zijn element. Ik vrees dat hij zijn middagslaapjes moet opgeven wegens tijdgebrek. En zijn nachtrust ook.



plaats een reactie:

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *