Eerste dag

zondag 10 maart 2013 16:44 uur

Ik ben nu vijf uren alleen.

Vanmorgen om 11.00 uur zwaaide ik mijn gezin uit (om ze een kwartier later nog een keer te zien omdat ik mijn handtas in de auto had laten liggen, maar dat wist ik om 11.00 uur nog niet.) Terwijl ik naar mijn kinderen keek, die achterstevoren van me wegrenden, druk zwaaiend met allebei een Pillow Pet onder de arm (het is een knuffel én een kussen, vraag het maar niet) stond ik te grienen. Meteen verfoeide ik mijzelf omdat ik precies wist waaróm ik stond te grienen.

Het was niet omdat ik bang was ze te gaan missen, nee, het was omdat ik bang was. Bang om zo lang alleen te zijn. En die angst was gewoon heel stom, besloot ik, want ik had het zelf gewild. Ik veegde de tranen uit mijn ogen, ik ging toch zeker niet bang staan zijn voor iets waar ik zo lang naar uitgekeken had. Ik wilde zelf alleen zijn, om te kunnen schrijven, om stilte te hebben, om te kunnen doen wat ik wilde en om na te kunnen denken en daar dan weer over te kunnen schrijven, of over heel andere dingen, want ik ging toch zeker fictie schrijven? Ik kon niet alleen doen wat ik wilde, ik kon ook nog eens schrijven wat ik wilde, over alles wat ik kon verzinnen.

Ik stuurde een bericht naar een vriend.
‘Mag ik al wijn?’ Het was 15.00 uur.
‘Je mag doen wat je wilt.’
‘Ik kan er niet mee omgaan!’
‘Wat een vrijheid, hè,’ antwoordde hij.

Ja. Wat een vrijheid, maar vooralsnog vind ik er niet veel aan. En dan is het nu nog licht buiten! Nadenken over alle dagen die nog voor me liggen gaat niet, het is een onoverzichtelijke hoeveelheid tijd. Mag ik al wijn?



plaats een reactie:

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *